Infopunt‎ > ‎Jeugdhulp‎ > ‎Jeugdwet‎ > ‎

Algemeen jeugdwet en sociaal domein


Waarom de jeugdwet en wat willen we bereiken?

Geplaatst 16 nov. 2014 11:16 door Nely Sieffers   [ 16 nov. 2014 11:29 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]

De Jeugdwet is het logische sluitstuk van een langdurig proces. De motie Soutendijk, in 2004 met algemene stemmen door de Eerste Kamer aanvaard, vroeg om eenduidige financiering en aansturing van de jeugdzorg. Volgens de indieners zou de Wet op de jeugdzorg (die begin 2005 zou ingaan) hierin onvoldoende voorzien. In 2009 liet de Evaluatie van de Wet op de jeugdzorg zien dat er veel was bereikt, maar dat de beoogde effectieve, integrale aanpak helaas niet tot stand was gekomen. Te veel bureaucratie, versnippering en verkokering van financieringsstromen stonden gestroomlijnde jeugdzorg in de weg. Ook de parlementaire werkgroep Toekomstverkenning Jeugdzorg (2010) trof knelpunten aan en pleitte voor één financieel kader, preventie, lichte jeugdhulp in de buurt, 1-gezin, 1-plan, 1-regisseur en decentralisatie (inclusief de jeugd-GGZ). In de nieuwe Jeugdwet zijn alle adviezen van de parlementaire werkgroep overgenomen.

Samengevat zijn in de huidige jeugdzorg deze knelpunten geconstateerd:

• het huidige jeugdzorgstelsel is te versnipperd

• de samenwerking rond gezinnen schiet tekort

• de druk op de gespecialiseerde zorg is te groot

• afwijkend gedrag wordt te snel gemedicaliseerd

• de uitgaven blijven stijgen

• overbehandeling én onderbehandeling

De nieuwe Jeugdwet biedt kansen om het huidige jeugdstelsel anders in te richten en de geconstateerde knelpunten op te lossen.

Wat willen we bereiken met de jeugdwet?

De Jeugdwet biedt kansen de knelpunten in het huidige jeugdstelsel op te lossen en het stelsel ingrijpend te veranderen. De stelselwijziging is geen doel, maar een middel om een echte omslag (transformatie) in de zorg voor jeugd te realiseren.


De transformatiedoelen zijn:
  • meer preventie, meer eigen verantwoordelijkheid, meer benutten van ‘eigen kracht’ en het sociale netwerk van kinderen en hun ouders;
  • kinderen en jongeren naar vermogen mee laten doen, laten participeren. Daarom willen we normaliseren, ontzorgen en niet onnodig medicaliseren;
  • sneller jeugdhulp op maat, dicht bij huis, om zo het beroep op gespecialiseerde zorg te verminderen;
  • betere samenwerking rond gezinnen: 1-gezin, 1-plan, 1-regisseur, o.a. door ontschotting van budgetten;
  • meer ruimte voor professionals, door de regeldruk serieus terug te dringen.





De overige decentralisaties

Geplaatst 27 feb. 2014 14:57 door Nely Sieffers   [ 27 feb. 2014 14:57 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]


Passend onderwijs

In het nieuwe stelsel Passend Onderwijs krijgen scholen de verantwoordelijkheid om voor elk kind een zo goed mogelijke plek in het onderwijs te vinden en zoveel mogelijk binnen het reguliere onderwijs kinderen een startkwalificatie te laten halen. Dit zal samenwerking vragen tussen scholen onderling in regio’s, maar ook tussen scholen en zorgaanbieders op het terrein van jeugd en opvoeding. Op die manier kunnen jongeren gedurende hun leven ondersteund worden bij problemen en beperkingen.


Samenhang met decentralisatie AWBZ-begeleiding

Ook de AWBZ-begeleiding van jeugdigen wordt vanaf 2015 overgeheveld naar gemeenten. Verder heeft de transitie van de jeugdzorg gevolgen voor prestatieveld 2 van de Wmo, preventie ondersteuning voor jeugd. De manier waarop nu gedacht wordt over de rol van het CJG, spilfunctie en regisseur, sluit hierop aan.  Het feit dat de jeugdzorg nu in z’n geheel onder gemeentelijke regie komt te vallen maakt dat de preventie wellicht beter ingevuld kan worden en aangesloten kan worden op de jeugdzorg zelf. In de doelen van de transitie wordt het verstevigen van preventie ook uitdrukkelijk genoemd.


Raakvlakken met Participatiewet

De Participatiewet bundelt de regelingen op het terrein van werk en inkomen. De raakvlakken met de jeugdzorg zijn in die zin aanwezig dat jeugdzorg vaak gaat om hele gezin in plaats van alleen een kind. Het inkomen en de werksituatie van ouders is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Er is dus winst te behalen als bij gesprekken vanuit dan wel werk en inkomen of jeugd gekeken wordt naar het hele systeem.


 Samenhang drie decentralisaties

De decentralisaties op de terreinen van zorg, ondersteuning, jeugd en werk verschillen qua onderwerp, maar vertonen voor gemeenten voldoende overeenkomsten om zich te richten op de samenhang. De noodzaak voor verbindingen wordt onder meer ingegeven doordat de afzonderlijke transities vaak gevolgen hebben voor dezelfde individuen of gezinnen.


Decentralisatie Jeugdzorg

Geplaatst 27 feb. 2014 14:55 door Nely Sieffers   [ 27 feb. 2014 14:55 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]


Met de verschuiving van de jeugdzorg naar gemeenten wil het kabinet ervoor zorgen dat het jeugdzorgstelsel eenvoudiger wordt. Dat maakt een snellere en effectievere inzet van ondersteuning of hulp mogelijk. De jeugdzorg kan zo beter aansluiten bij de eigen kracht en de sociale netwerken van jeugdigen en hun ouders of verzorgers. Ook moet voorkomen worden dat ouders en jeugdigen verdwalen in het systeem.

De stelselwijziging gaat niet alleen om een verandering in de structuur (transitie), maar nadrukkelijk ook om een zorginhoudelijke vernieuwing (transformatie).

Doel

Het doel van deze transitie is om alle vormen van jeugdzorg onder verantwoordelijkheid van gemeenten te brengen, zodat gemeenten kunnen sturen op lokaal samenhangende zorg voor gezinnen en jeugdigen.

Nieuwe verantwoordelijkheden voor gemeenten

Conform de Bestuursafspraken 2011–2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor de huidige provinciale (geïndiceerde) jeugdzorg inclusief de jeugdbescherming en de jeugdreclassering, de jeugdzorgPlus (gesloten jeugdzorg), de geestelijke gezondheidzorg voor jeugdigen (jeugd-GGZ), en de zorg voor jeugd met een licht verstandelijk beperking (jeugd-LVB). Dit komt bovenop de taken die gemeenten al hadden in het preventief lokaal jeugdbeleid, de jeugdgezondheidszorg en ondersteuning bij (lichte) opvoedingsvragen binnen/ via het Centrum voor Jeugd en Gezin.

Hoofdlijnen van de decentralisatie

IHet nieuwe stelsel kent door één wettelijk kader en één financieringssysteem voor de jeugdzorg meer doelmatigheid. Ook maakt het meer integrale zorg in geval van meervoudige problematiek beter mogelijk. Het nieuwe stelsel biedt hierdoor kansen voor vermindering van de regels en het tegengaan van bureaucratie.

Tijdspad

De jeugdzorg gaat naar verwachting per 1 januari 2015 over naar gemeenten. De zorg voor jeugd die vanuit de AWBZ begeleiding wordt gegeven zal naar verwachting ook met ingang van 1 januari 2015 onder de verantwoordelijkheid van gemeenten gaan vallen. Dit betekent dat gemeenten en andere partijen zich tijdig goed moeten voorbereiden op deze transitie.

Bezuiniging

De decentralisaties gaan gepaard met een bezuiniging. De gemeente staan dichterbij de burgers waardoor er verwacht wordt efficienter te kunnen werken. Inmiddels is er wel de toezegging dat gemeente de zorg en zorgverlener die jongeren in 2014 hebben moet voortzetten tot 2015. Daarna komt er een nieuwe beoordeling door de gemeente.


1-3 of 3