De overige decentralisaties

Geplaatst 27 feb. 2014 14:57 door Nely Sieffers   [ 27 feb. 2014 14:57 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]

Passend onderwijs

In het nieuwe stelsel Passend Onderwijs krijgen scholen de verantwoordelijkheid om voor elk kind een zo goed mogelijke plek in het onderwijs te vinden en zoveel mogelijk binnen het reguliere onderwijs kinderen een startkwalificatie te laten halen. Dit zal samenwerking vragen tussen scholen onderling in regio’s, maar ook tussen scholen en zorgaanbieders op het terrein van jeugd en opvoeding. Op die manier kunnen jongeren gedurende hun leven ondersteund worden bij problemen en beperkingen.


Samenhang met decentralisatie AWBZ-begeleiding

Ook de AWBZ-begeleiding van jeugdigen wordt vanaf 2015 overgeheveld naar gemeenten. Verder heeft de transitie van de jeugdzorg gevolgen voor prestatieveld 2 van de Wmo, preventie ondersteuning voor jeugd. De manier waarop nu gedacht wordt over de rol van het CJG, spilfunctie en regisseur, sluit hierop aan.  Het feit dat de jeugdzorg nu in z’n geheel onder gemeentelijke regie komt te vallen maakt dat de preventie wellicht beter ingevuld kan worden en aangesloten kan worden op de jeugdzorg zelf. In de doelen van de transitie wordt het verstevigen van preventie ook uitdrukkelijk genoemd.


Raakvlakken met Participatiewet

De Participatiewet bundelt de regelingen op het terrein van werk en inkomen. De raakvlakken met de jeugdzorg zijn in die zin aanwezig dat jeugdzorg vaak gaat om hele gezin in plaats van alleen een kind. Het inkomen en de werksituatie van ouders is daarbij een belangrijk aandachtspunt. Er is dus winst te behalen als bij gesprekken vanuit dan wel werk en inkomen of jeugd gekeken wordt naar het hele systeem.


 Samenhang drie decentralisaties

De decentralisaties op de terreinen van zorg, ondersteuning, jeugd en werk verschillen qua onderwerp, maar vertonen voor gemeenten voldoende overeenkomsten om zich te richten op de samenhang. De noodzaak voor verbindingen wordt onder meer ingegeven doordat de afzonderlijke transities vaak gevolgen hebben voor dezelfde individuen of gezinnen.