Infopunt‎ > ‎Jeugdhulp‎ > ‎Toegang jeugdhulp‎ > ‎

Toegang jeugdhulp

Richtlijn gebruikelijke zorg

Geplaatst 11 dec. 2016 10:19 door Webmaster UW Ouderplatform   [ 11 dec. 2016 10:28 bijgewerkt ]



Wat is gebruikelijke zorg op de verschillende leeftijden van het kind? Een vraag die belangrijk is bij het aanvragen van zorg want je krijgt als gezin alleen hulp voor boven gebruikelijke zorg. Op deze pagina een schema van het CIZ wat duidelijkheid geeft voor de verschillende leeftijden en gebruikt wordt voor de wet langdurige zorg. Gemeenten nemen vaak ook dit overzicht als uitgangspunt of moeten een alternatief aanbieden. Je kunt de hele folder lezen op de website van het CIZ.Bron: beleidsregels CIZ 2016
Bron: beleidsregels indicatiestelling WLZ 2016

Ouderbijdrage jeugdhulp

Geplaatst 15 feb. 2015 08:12 door Nely Sieffers   [ 5 apr. 2016 07:38 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]

Wijziging per 1 januari 2016!

Per 2016 is de ouderbijdrage in de jeugdwet vervallen. Dit betekent dat voor 2016 geen ouderbijdrage meer betaald hoeft te worden. Voor 2015 kunt u eventueel nog wel een nota van het CAK krijgen.


In de jeugdwet is er vastgesteld dat er van ouders met kinderen die gebruik maken van verblijf in dagdelen of in etmalen een ouderbijdrage wordt gevraagd. In de jeugdzorg is er al langer een ouderbijdrage maar deze is nieuw voor de kinderen die zorg kregen vanuit de zorgverzekeringswet of de AWBZ.

Jeugdhulp met verblijf
Ouderbijdrage wordt geheven bij jeugdhulp met verblijf In de Jeugdwet is geregeld dat voor jeugdhulp met verblijf een ouderbijdrage is verschuldigd. Als een kind buiten het eigen gezin wordt verzorgd en opgevoed, of als het kind voor een dagdeel buitenshuis verblijft, dan wordt er een ouderbijdrage geheven. Er zijn twee vormen van verblijf: etmalen en dagdelen. Bij een etmaal jeugdhulp met verblijf is de jeugdige niet alleen overdag, maar ook in de nacht in een accommodatie van een jeugdhulpverlener of bij een pleeggezin. Een jeugdige kan bij voltijds uithuisplaatsing 7 etmalen per week jeugdhulp ontvangen. Bij dagdelen ontvangt de jeugdige alleen overdag jeugdhulp buitenshuis. Een dagdeel is een ochtend, een middag en/of een avond. Er is van uitgegaan dat een jeugdige in een week maximaal tien dagdelen jeugdhulp ontvangt. Bij tien dagdelen heeft een jeugdige een volledig weekprogramma. Ook bij meer dan tien dagdelen wordt uitgegaan van een volledig weekprogramma.


Het CAK
De gemeente is verantwoordelijk voor alle vormen van jeugdhulp, zoals ondersteuning, jeugdbescherming en jeugdreclassering. De gemeente wijst aan wie een ouderbijdrage moet betalen. Daarna stuurt de gemeente hierover gegevens naar het CAK.
Het CAK berekent vervolgens de hoogte van de ouderbijdrage op basis van de gegevens die de gemeente stuurt. Hierover krijgt u een factuur van het CAK.




Factsheet ouderbijdrage in de jeugdwet (voor gemeenten)
Beleidsregel CAK hardheidsclausule ouderbijdrage Jeugdwet

Hoogte van de ouderbijdrage (jan. 2015)

De bedragen in onderstaande tabel zijn per maand en op basis van verblijf van 7 dagen per week voor ‘dag’ en 10 dagdelen per week voor ‘dagdeel’. De bedragen gelden vanaf 1 januari 2015.

Leeftijd kindDag (etmaal)Dagdeel (deel van etmaal)
0 t/m 5 jaar€ 75,75€ 37,88
6 t/m 11 jaar€ 104,16€ 52,08
12 t/m 20 jaar€ 132,56€ 66,28



Hulp bij een crisis

Geplaatst 15 feb. 2015 07:53 door Nely Sieffers   [ 18 feb. 2015 02:24 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]

Er is sprake van crisis bij een plotselinge, ernstige ontregeling (in de fysieke, sociale en psychische gesteldheid van de cliënt of van de omgeving) met als gevolg het ontstaan van een acuut onhoudbare situatie in het thuismilieu of de woonsituatie van de cliënt. Een crisis kan ontstaan doordat: 

  1. Het verzorgingsmilieu (mantelzorg/informele hulp) is weggevallen, waardoor de cliënt niet in staat is tot zelfstandig (maatschappelijk) functioneren, ook niet met reguliere ambulante begeleiding; 
  2. Het huidige milieu van de cliënt of dat van anderen in fysiek en/of psychisch opzicht ernstig wordt bedreigd, waardoor verblijf binnen dit milieu onmogelijk is geworden; 
  3. Er sprake is van een crisis, ziekte of stoornis van de cliënt.
Het is belangrijk dat snel de juiste expertise aanwezig is om de crisis te stabiliseren. De gemeente is verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van deze expertise die we in drie belangrijke groepen kunnen onderbrengen:
  • Expertise voor kinderen in een onveilige situatie.
  • Expertise voor kinderen met een psychische crisis.
  • Expertise voor kinderen met een beperking in een crisis.

De route via de gemeente

Gemeenten zijn per 1 januari 2015 verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van jeugdhulp in acute situaties, waar onmiddellijke actie nodig is. In het geval van crisis moet een meldpunt bekend zijn en daar moet de juiste deskundigheid aanwezig zijn voor een beoordeling van de situatie. De gemeente moet dat regelen en is er ook voor verantwoordelijk dat direct een crisisplaatsing volgt als dat nodig is. Bijvoorbeeld bij een 24-uursopvang of een jeugdhulpaanbieder, afhankelijk van wat de jeugdige nodig heeft. Het gaat dus ook om crisisplaatsing in de jeugdGGZ en voor kinderen met een beperking.

Omdat elke gemeente crisiszorg op eigen wijze invulling geeft is het belangrijk is dat gemeenten bij cliënten en professionals, zoals huisartsen, de bereikbaarheid en telefoonnummers bekend maken van:
  • AMHK/ ‘Veilig Thuis’
  • Een spoedeisende dienst (voor dringende jeugdhulp)
  • De Raad voor de Kinderbescherming
  • De Kindertelefoon
De (huis)artsen mogen ook rechtstreeks verwijzen naar (crisis) jeugdhulp zonder tussenkomst van gemeente.

Links en folders
Folder Veilig thuis: advies en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling
Veilig Thuis 

Veilig Thuis is het advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling. Dit zijn regionale organisaties waar slachtoffers, daders en omstanders terecht kunnen voor deskundige hulp en advies. Veilig Thuis is er voor iedereen, jong en oud, die te maken heeft met huiselijk geweld of kindermishandeling. Veilig Thuis geeft advies en biedt ondersteuning, ook aan professionals. Veilig Thuis biedt de helpende hand, doorbreekt onveilige situaties en zet mensen in beweging. Veilig Thuis biedt perspectief op een betere situatie waardoor mensen weer toekomst hebben. Mét of zonder elkaar.

Wilt u advies en hulp voor de ander en/of voor uzelf? U kunt uw vragen stellen of uw hart luchten. U krijgt een hulpverlener aan de lijn, die aandachtig naar uw verhaal luistert. Deze hulpverlener zet alles voor u op een rij, beantwoordt uw vragen en geeft u advies. Ook kijkt de hulpverlener samen met u welke professionele hulp er nodig is. Als u wilt, kunt u anoniem blijven.



De kindertelefoon
Vanaf 1 januari 2015 is De Kindertelefoon een zelfstandige stichting en zijn er 7 locaties Kindertelefoon in Nederland.. Verspreid over de locaties, voeren vrijwilligers gesprekken met kinderen en jongeren. Het Landelijk Bureau van De Kindertelefoon zorgt voor het realiseren van alle landelijke publiciteit, projecten en beleidsvraagstukken van de Kindertelefoon. Ook worden daar de chat, het 0800 nummer en de website beheerd.


Raad van de kinderbescherming
Ouders voeden hun kinderen op. Dat is hun recht en hun plicht. Maar soms komt de ontwikkeling van een kind ernstig in gevaar.
Doordat ouders hun verantwoordelijkheid niet kunnen nemen. En doordat vrijwillige hulp stagneert of onmogelijk is. Dan geeft de Raad voor de Kinderbescherming thuis en voeren wij onze wettelijke taak uit. De Raad draagt bij aan de veiligheid van kinderen en het toekomstperspectief van jongeren. Daarnaast speelt de Raad op verzoek van de rechter een rol bij ouders die uit elkaar gaan en het niet eens worden over afspraken over hun kinderen. Ook onderzoekt de Raad de situatie van jongeren die met de politie in aanraking komen en adviseert de Raad over een passende straf. Verder is de Raad betrokken bij het afstaan of adopteren van kinderen.

Wettelijke kaders toegang jeugdhulp

Geplaatst 3 jan. 2015 13:13 door Nely Sieffers   [ 18 mei 2015 03:04 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]

Gemeenten hebben op basis van de Jeugdwet de volgende verplichtingen bij de organisatie van de toegang: (De cursief gedrukte tekst bevat een toelichting op de wettelijke eis)

De toegang tot jeugdhulp op een laagdrempelige en herkenbare manier organiseren (artikelen 2.3 en 2.6 lid 1 sub b Jeugdwet)
Gemeenten kunnen hierbij kiezen voor het oprichten van een nieuwe voorziening als toegang of aansluiten bij voorzieningen die al bestaan (zoals een CJG). Het is belangrijk dat gezinnen weten waar ze terecht kunnen met hun hulpvraag en hun vraag gemakkelijk kunnen stellen.
Het toegangspunt moet goed benaderbaar zijn. Verbinding met plaatsen waar kinderen vaak komen, zoals school, consultatiebureau, wijkcentrum etc., is van groot belang.

Bij een crisissituatie direct de juiste jeugdhulp inschakelen, dus 
24/7 beschikbaar en bereikbaar (artikel 2.6 lid 1 sub b)
Bij de toeleiding naar ‘jeugdhulp in crisissituaties’ gelden tevens de in deze factsheet genoemde eisen rondom de toegang
.
Deskundig advies verstrekken aan degenen die beroepsmatig met jeugdigen werken over vragen en problemen met betrekking tot opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische
problemen en stoornissen (artikel 2.6 lid 1 sub c)
Denk aan een leraar die advies wil over een druk kind in de klas. Gemeenten kunnen specifieke expertise op verschillende manieren beschikbaar stellen. Bijvoorbeeld in het Sociaal Wijkteam, via een expertiseteam of rechtstreeks bij een bepaalde aanbieder.

Passende hulp inzetten (artikel 2.5 Jeugdwet)
Rekening houden met de behoeften en kenmerken van de jeugdige en zijn ouders en met de godsdienstige gezindheid, levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en zijn ouders.

Indien nodig specialistische hulp en de Raad vd K inschakelen (artikel 2.4 Jeugdwet)
Plaats professionals in de toegang die triage kunnen verrichten om te bepalen wat passende hulp is en of gespecialiseerde hulp nodig is.
De gemeente moet een meldingsbevoegde aanstellen voor melding aan de RvdK.

Uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel en jeugdreclassering door een gecertificeerde instelling (art. 3.2.1. Jeugdwet)
De gecertificeerde instelling verleent zelf geen jeugdhulp (art. 3.2.2 Jeugdwet), maar kan wel bepalen welke jeugdhulp noodzakelijk is in verband met de kinderbeschermingsmaatregel en/of jeugdreclassering (art. 3.5.1 Jeugdwet)
Toegang is dus ook mogelijk via een gecertificeerde instelling. Houd daarom bij de inkoop van jeugdhulp rekening met hulp die nodig is vanwege een kinderbeschermingsmaatregel en jeugdreclassering.
Houd bij de inkoop van ‘uitvoering kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering’ rekening met verschillende doelgroepen en benodigde expertise, bijvoorbeeld met betrekking tot (licht) verstandelijke beperkingen (zie ‘Passende hulp’).
Om de jeugdhulp in te zetten die een gecertificeerde instelling nodig vindt, is eerst overleg nodig met de gemeente.
In verband met de uitvoering van taken zijn gemeente en
gecertificeerde instellingen aangesloten op het berichtenverkeer met de
RvdK, genaamd CORV
.
Kosteloos/anoniem advies beschikbaar stellen voor jeugdigen 
(Kindertelefoon) (artikel 2.6 lid 1 sub d Jeugdwet)
De organisatie van de Kindertelefoon wordt landelijk geregeld via de VNG.

Jeugdhulp inzetten via een huisarts, jeugdarts of medisch specialist, gecertificeerde instelling (artikel 2.6 lid 1 sub g Jeugdwet)
Deze artsen en gecertificeerde instellingen kunnen rechtstreeks verwijzen naar de jeugdhulp die een gemeente heeft ingekocht.

Jeugdhulp inzetten na onderzoek van het Advies- en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling (AMHK) (artikel 2.2 lid 2 sub b, Art. 11.2 C Jeugdwet).
Het AMHK doet onderzoek na een melding en informeert eventueel de politie en de Raad voor de Kinderbescherming. Indien nodig verwijst het AMHK door naar vrij toegankelijke jeugdhulpverlening of naar de betreffende gemeentelijke Toegangsvoorziening.

De jeugdige en het gezin de mogelijkheid geven om eerst zelf een familiegroepsplan op te stellen (artikel 2.1 sub g Jeugdwet)
Een gezin heeft het recht om, samen met de sociale omgeving van de jeugdige, zelf een hulpverleningsplan of plan van aanpak op te stellen, voordat professionals dit voor hen/met hen doen.
Dit geldt zowel voor jeugdhulp binnen een vrijwillig als gedwongen kader (indien mogelijk).
Een dergelijk familiegroepsplan past bijvoorbeeld binnen de methodiek van een Sociaal Wijkteam, maar kan ook onderdeel zijn van andere vormen van jeugdhulpverlening.

Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG)  voor medewerkers die werkzaam zijn bij de Toegang. (artikel 4.1.6 Jeugdwet)
Als professionals in dienst zijn van een jeugdhulpaanbieder en werkzaam zijn bij de toegang, is het aan deze aanbieder om erop toe te zien dat hun medewerkers een VOG hebben. Indien de medewerkers in dienst zijn van een gemeente is het aan de gemeente om hier zorg voor te dragen.

Zorgplicht

Geplaatst 3 jan. 2015 11:42 door Nely Sieffers   [ 18 mei 2015 03:05 bijgewerkt door Webmaster UW Ouderplatform ]

In de jeugdwet wordt het wettelijke recht op zorg vervangen door een zorgplicht voor gemeenten. De jeugdhulpplicht gaat gelijk in op 1 januari 2015 waardoor geborgd wordt dat de jeugdige de hulp krijgt die nodig is. 

De zorgplicht bestaat uit:
  • Het opvoedkundig klimaat versterken in gezinnen, wijken, buurten, scholen en kinderopvang;
  • in een voldoende passend (dus effectief) aanbod van jeugdhulp voorzien;
  • beperkingen in de zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van een jeugdige compenseren (maatschappelijke begeleiding);
Advies en toegangsfunctie:
  • adviseren over de aangewezen vorm van jeugdhulp, en op een laagdrempelige, herkenbare wijze met de vereiste expertise bepalen welke jeugdhulp wordt ingezet;
  • professionals adviseren die zich zorgen maken over een jeugdige (consultatiefunctie);
  • jeugdigen die met vragen rondlopen adviseren;
  • Een adviesfunctie voor ouders
Kinderbescherming en jeugdreclassering:
  • de Raad voor de Kinderbescherming verzoeken onderzoek te doen als een kinderbeschermingsmaatregel noodzakelijk lijkt;
  • in een toereikend aanbod van gecertificeerde instellingen voorzien, die de maatregelen van kinderbescherming en jeugdreclassering uitvoeren.
Samenhang:
  • een samenhangend jeugdhulpbeleid en afstemming en samenwerking met onderwijs, zorg, maatschappelijke ondersteuning, werk en inkomen en politie en justitie.
Voor de uitvoering van bovenstaande taken heeft de gemeente een beleidsplan en een verordening vastgesteld

1-5 of 5